Would you mind if I bring my cat along? 17.06.2006


Katarina Zdjelar

Van 17 juni t/m 9 juli zal in Hedah’s ruimte aan de Brusselsestraat een driedelige videoinstallatie te zien zijn van Katarina Zdjelar. Sinds enkele jaren houdt zij zich bezig met een serie projecten die onze omgang met taal onderzoeken en hoe taal , naast het feit dat ze een be- en ontcijferbare code is, ook een reeks interacties kan zijn tussen zijn code en het fysieke karakter van de spraak. Zdjelar is geïnteresseerd in het materiële karakter van taal: hoe ze ons sprekend lichaam vormt, en hoe taal gemeenschappen doet ontstaan en afstand creëert of net vermindert.

 

Taal, en dan vooral één waarmee men niet helemaal bekend is, werkt niet altijd als een goed geoliede coderingsmachine. Wanneer we worstelen met een nieuwe taal, worstelen we ook met onze longen, met onze tong, met onze lippen en met onze tanden. Onze handen maken bewegingen in de ruimte, we wiegen voor- en achterwaarts en we worden ons er van bewust dat de woorden die we uiten, deel zijn van ons lichaam. Onze monden en  gezichten wringen zich in krampachtige bochten in een poging om zo’n vreemd voorwerp uitgespuugd te krijgen, en soms voelen we ons bijna van ons lichaam onthecht of is het bijna de taal zelf die ons ‘spreekt’.


Anderzijds lijkt het alsof onze eigen moedertaal haar eigen territorium behoudt. We voelen ons thuis bij onze eigen taal en dragen met haar ook dat territorium mee, dat ons voorziet van een eigen zone van comfort. Wanneer we echter onze taal in vertalingen horen, met al het gezoek en getreuzel, neigt deze territoriale plek zijn stabiliteit te verliezen.


Zdjelars werk onderzoekt in welke mate de vocalisatie van een vreemde taal de eerste taal onsamenhangend en instabiel kan maken. Een stem met vreemde tongval maakt verschillen tussen de talen zelf duidelijk, waarbij betekenis niet alleen blijkt te liggen in de tekens zelf, maar ook in de verschillen tussen twee talen. Deze verschillen en de geluiden van taal (de ongecontroleerde, twijfelende, toevallige, aarzelende, spontane en onopzettelijke uitingen die zich tijdens het spreken voordoen) maken allemaal deel uit van zijn substantie.