Capitaine Lonchamp 01.04.2006


Capitaine Lonchamp

“Als ik als kunstcriticus het werk van onze vriend Capitaine Lonchamp zou moeten definieëren,” aldus Jacques Lizane, “dan zou ik simpelweg zeggen dat het een resultaat is van het abstract tachisme in zijn “geëvolueerde, wolkige” vorm en de materieschilderkunst, alsof het de toetsen zijn van Toroni’s penseel, in een verrassende herontdekking van bepaalde figuratieve en poëtische stijlelementen uit de japanse kunst waarin diverse, bijna kaligrafische toetsen van subtiele witten op een ondergrond zo zwart als de nacht de val van de sneeuw oproepen…

En of het mag sneeuwen vanavond! Ik wil Capitaine Lonchamp hierbij voorstellen om nooit te stoppen met eender welke zwarte ondergrond te bedekken met de toetsen van zijn ronde penselen van verschillende dikte: op een regenband of een jerrycan, of de koetswerken van auto’s, vliegtuigen, boten, koelkasten, of op eender welk meubel, eender welk kledingstuk, en vooral op diepe sofa’s… dat het neigisme mag zegevieren!” (1)

 

Capitaine Lonchamp

Wanneer Capitaine Lonchamp muren, plafonds, karton, spiraalschriftjes of gevonden schilderijen besneeuwt, is het in feite een hommage aan de schildermachine van dokter Faustroll, de Gidouillespiralen, een volkomen originele schriftuur, pure abstractie en een imaginaire oplossing voor het onzekerheidsprincipe: van al wat men niet kan meten of wegen zal de sneeuwvlok zich nog het meest van al nooit laten manipuleren. Het is ook een eigenzinnige manier zijn om de wereld te beschouwen, met een voorkeur voor de ‘opstijging van het lege naar een periferie van de val van de lichamen naar het midden” - een puur ‘patafysisch concept. Want een ‘pataphysicus, dat is Capitaine Lonchamp inderdaad: een aanhanger van de wetenschap van denkbeeldige oplossingen uitgevonden door dokter Faustroll, een personage ontsproten uit de vruchtbare verbeelding van Alfred Jarry, de geestelijke vader van Ubu. Harald Szeemann benadrukte nog het belang van de ‘patafysische traditie in de Belgische kunst, en integreerde ze in 2004 op magistrale wijze in zijn expositie ‘Visionair Belgie’.

 


Capitaine Lonchamp


In feite ontwikkelt Capitaine Longchamp een veelzijdig en eigenzinnig, visionair, dromerig en tegendraads oeuvre. Wanneer hij te voet onder de sterren rondslentert, of overdag in de auto rondrijdt –met zijn besneeuwde bivakmuts gekleed als ‘sneeuwman’ of terwijl hij onderweg nauwgezet foto’s maakt van een bolletje watten op het dashboard- het roept altijd een beeld op van dokter Faustrolls ‘overzeese reis van Parijs naar Parijs’, alsof hij een Belgische Robinson was.(2) Wanneer Lonchamp het sneeuwvlokkenmotief op de werken van zichzelf of andere schilders opbrengt –en gaandeweg een allegaartje aan gevonden werken verzamelt- gaat het om het opnieuw in het leven roepen van de “weldoende lans” die Alfred Jarry literair toevertrouwde aan Douanier Rousseau. Gedurende 63 dagen en met de grootste zorg verhulde hij de machteloze verscheidenheid van de grimassen van het ‘Magasin National’(het museum) tot de kalme uniformiteit van de chaos. (3).

Het was een blijk van afkeer tegenover al het officiele, een subversieve dripping die Capitaine Lonchamp vertaalde naar een sneeuwdek, zoals de sneeuw die met al zijn witheid het nachtlandschap bedekt, en de sneeuw waarmee hij onvermoeibaar zijn zwartgeschilderde dekbedden opnieuw bedekt. Ook het fotograferen van tochtplekken -hoe absurd de handeling ook mag zijn – is een andere manier om een poëtische fenomenologie (4) vast te stellen. “De ene wind verjaagt de andere” een zin die net zo goed een filosofisch aforisme als een flauwe grap van een scholier zou kunnen zijn, schrijft hij in ‘Boum’, een tekst die in het uitstekende tijdschrift ‘Gagarin’ werd gepubliceerd. (5).

 

Capitaine Lonchamp

Het werk van Capitaine Lonchamp is volmaakt associatief en verenigt de meest uiteenlopende media met elkaar: geluidswerken, films, doeken, foto’s, teksten, collages, performances zijn allen terug te vinden in een even logisch als verrassend en eigenzinnig resultaat, spelend met de grofheid van de titels en gedreven door een plicht tot ongehoorzaamheid, waardoor hij de verbeelding de vrije baan laat voor een zwerftocht langs poezie en filosofie tijdens de nachtelijke uren: het moment bij uitstek waarop ideeen en onrust met elkaar geassocieerd worden, waarop angsten en droomverhalen geboren worden, de uren van de eenzaamheid waar de schaduwen verdwijnen in de dieptes van een obscuur vacuum.

 


Capitaine Lonchamp

 

De nacht is de keerzijde van Capitaine Lonchamps werk. Hij roept sjamanistische rituelen op, en temt ze in het halfduister van zijn vuurpotten – even vergankelijk als de dageraad lang is, waar hij zich in zijn snowmankostuum hult en zelfs de slaap tot de rang der schone kunsten verheft, waar hij het baudelairische beeld oproept van ‘leven en slapen voor een spiegel’. Misschien wel omdat de kunst een manier is om er het hoofd aan te bieden, om het onwaarneembare achter het zichtbare te oogsten. Op gevonden foto’s roept hij de aanwezigheid van zijn snowman op in ouderwetse omgevingen, temidden van een familie, in de fabriek, op jacht… een indringer in het dagelijkse die net als existentiele vragen een visuele poezie oproept die perspectieven vertroebelt; vibrerend, want zoals Lonchamp zelf zegt, is sneeuw ‘een hoogriskante harmonie die vibreert tussen verstikking en verzekering, tussen een oneindige en universele cocon en een fragiele en verzwelgende gevangenis’. Ze is het punt in een suspensie waarin verleden, heden en toekomst niet meer van belang lijken te zijn. “Ontrafel de wind. Ontspan de leegte. Morgen is niet een andere dag.”

- Vertaling naar Jean-Michel Botquin -

1. Neigisme: Capitaine Lonchamps zelfbenoemde stijl, naar het Franse woord voor sneeuw: ‘neige’
2. Alfred Jarry: Gestes et Opinions du docteur Faustroll, 1889
3. Le magasin National: het museum.
4. Gilles Deleuze zag de ‘patafysica als de uitvinding van de fenomenologie
5. Gagarin, nr.12/ 2005. – www.gagarin.be